Tritop - Tritop 120 (12-12-2025)

Italiaanse progrock die alle ruimte krijgt

Mijn kennismaking met Tritop begint met een album dat me niet meteen in het eerste korte nummer bij de kraag grijpt. Even later blijkt Tritop 120 echter een plaat waarop de Italiaanse band pas echt op gang komt wanneer de gitaren, toetsen en ritmes alle ruimte krijgen. De eerste indruk is bescheiden, maar wat daarna volgt, maakt veel goed.

Tritop is een Italiaanse groep die progressieve rock maakt met stevige wortels in de klassieke progrock, aangevuld met invloeden uit de moderne progmetal. Het album verscheen eind 2025 en bevat slechts vier nummers, maar met een speelduur van bijna 48 minuten is er bepaald geen sprake van een karig gevuld schijfje.

Ik vind vier nummers op een album altijd wel interessant. Het betekent meestal dat de band niet zoveel behoefte heeft aan korte liedjes die binnen drie minuten hun verhaal vertellen. Bij progressieve rock hoort nu eenmaal de vrijheid om een thema uit te werken, een onverwachte afslag te nemen en vervolgens ergens anders uit te komen dan je aanvankelijk verwachtte. Dat kan prachtig uitpakken, al moet een band natuurlijk wel iets te vertellen hebben.

Bij Tritop zit dat laatste gelukkig goed. Na een wat voorzichtig begin laat de groep horen dat ze haar instrumenten beheerst en niet bang is voor stevige composities met veel wisselingen. Ik hoor muziek die duidelijk voortkomt uit liefde voor het genre, zonder dat het geheel alleen maar een oefening in ingewikkeld spelen wordt.

Van een bescheiden opening naar volle progrock

Het al genoemde openingsnummer Rebuild Nothing duurt iets meer dan een minuut. Ik hoor akoestische gitaar en een rustige, wat dromerige sfeer. Het is geen onaangenaam begin, maar ook niet iets waarbij ik meteen rechtop in mijn stoel ga zitten. Het voelt meer als iemand die voorzichtig de deur opendoet en vervolgens even vergeet dat er nog bezoek binnen moet komen. Ik wacht dus maar rustig af.

Dat geduld wordt beloond met Master of Drama. Met ruim dertien minuten is dit een heel ander verhaal. De muziek begint nog betrekkelijk ingetogen, maar groeit uit tot een stevig progrocknummer met tempowisselingen, afwisselende gitaarpartijen en toetsen die nadrukkelijk hun plaats opeisen. De verschillende onderdelen grijpen steeds steviger in elkaar.

Hier hoor ik waarom Tritop interessant is. De band speelt niet zomaar een lange compositie omdat dat nu eenmaal bij progrock hoort. Er gebeurt voldoende om mijn aandacht vast te houden. De muzikanten zoeken elkaar op, geven elkaar ruimte en trekken vervolgens samen weer ten strijde. Vooral de wisselwerking tussen gitaar en toetsen bevalt me. Het klinkt ouderwets in de goede zin van het woord, maar beslist niet alsof de muziek veertig jaar in een kast heeft gelegen. Ook andere recensies wijzen op de combinatie van klassieke invloeden en stevige, moderne prog.

Wanderlust houdt de vaart erin

Met Wanderlust laat Tritop vervolgens horen dat het niet alleen om spierballen en ingewikkelde ritmes draait. Het nummer begint met piano, waarna de band geleidelijk meer kracht ontwikkelt. De zang krijgt daarbij een belangrijke rol. De melodie blijft herkenbaar, ook wanneer de instrumenten hun eigen weg lijken te zoeken.

Ik vind dat een aangename combinatie. Bij sommige progrockgroepen heb ik weleens het gevoel dat de muzikanten zo druk zijn met het demonstreren van hun technische vaardigheden dat het lied zelf op de achtergrond raakt. Bij Tritop gebeurt dat hier niet. De muzikale wendingen zijn er volop, maar ze staan in dienst van het nummer.

De titel past bovendien goed bij de muziek. Wanderlust betekent zoiets als het verlangen om eropuit te trekken. Dat gevoel herken ik in de manier waarop het nummer zich ontwikkelt. Het blijft niet op één plek staan, maar beweegt voortdurend verder. En nee, ik hoef daarvoor niet meteen een vliegticket te boeken. Een goede plaat kan soms ook voldoende zijn om even ergens anders te belanden.

Een slotstuk van ruim 23 minuten

Het hoogtepunt is voor mij Asymmetrical Reflections of a Restless Heart. De titel is nogal een mondvol. Ik zou er bij een potje Scrabble waarschijnlijk aardig mee scoren, mits ik de letters allemaal op mijn plankje krijg. Gelukkig heeft de muziek meer te bieden dan alleen een lange titel.

Met ruim drieëntwintig minuten is dit het stuk waarin Tritop werkelijk alles uit de kast haalt. De toetsen bouwen een breed klankbeeld op, de gitaren zorgen voor stevige accenten en de ritmes veranderen geregeld van richting. Later krijgt ook een vrouwenkoor een rol, waardoor de muziek nog meer diepte en een bijna plechtig karakter krijgt. Het is een compositie die verschillende stemmingen doorloopt en niet bang is om de tijd te nemen.

Ik vind vooral de afwisseling sterk. De band kan zwaar en krachtig klinken, maar laat ook ruimte voor melodieuze passages. Daardoor voelt de speelduur niet als een wedstrijdje uithoudingsvermogen. Er zijn genoeg momenten waarop ik gewoon kan luisteren naar een mooie melodie, voordat de volgende muzikale wending zich aandient.

Natuurlijk vraagt zo'n lang nummer iets van de luisteraar. Ik moet er even voor gaan zitten en niet ondertussen allerlei andere dingen willen doen. Dat vind ik geen bezwaar. Juist bij muziek als deze merk ik dat een tweede luisterbeurt nieuwe details kan opleveren. Ik hoef niet alles meteen te doorgronden om ervan te genieten.

Een geslaagde kennismaking

Wat me na afloop vooral bijblijft, is het verschil tussen het bescheiden begin en de drie nummers die daarop volgen. Rebuild Nothing is voor mij niet meer dan een aanloop, maar met Master of Drama, Wanderlust en het lange slotstuk laat Tritop horen dat het een echte progrockband is. De groep combineert stevige rock met symfonische toetsen, afwisselende ritmes en melodieën die voldoende houvast bieden.

Omdat dit mijn eerste kennismaking met Tritop is, kan ik het album niet vergelijken met eerdere ervaringen met de band. Dat maakt mijn oordeel misschien juist eenvoudiger: ik hoef geen verwachtingen uit het verleden mee te nemen. Ik kan gewoon luisteren naar wat er voor me ligt.

En dat bevalt me goed. Tritop 120 is geen plaat die me vanaf de eerste seconde omver blaast, maar dat hoeft ook niet. De drie lange nummers maken ruimschoots duidelijk dat de Italianen weten hoe je progressieve rock moet laten leven. Ik hoor vakmanschap, enthousiasme en een oprechte liefde voor het genre.

Mijn eerste kennismaking smaakt daarom naar meer. Het openingsnummer had van mij best iets meer karakter mogen hebben, maar daarna is er weinig reden tot klagen. Wie houdt van authentiek klinkende progrock met stevige gitaren, rijk toetsenwerk en composities die niet bang zijn voor een flinke omweg, kan met Tritop 120 uitstekend uit de voeten.

WAARDERING:  7,9