Capacopter (09-01-2026)
Ik zie het album Capacopter uit 2026 als een sterk debuut van een band die precies weet wat ze willen doen. De groep kiest duidelijk voor stoner rock met een klassieke basis, maar probeert daar ook kleine variaties in te stoppen. Het resultaat is een album dat lekker weg luistert, zonder dat het te ingewikkeld wordt.
De sfeer van het album is vrij warm en zwaar. De gitaren staan centraal en klinken vol en laag, precies wat ik verwacht bij dit genre. Tegelijk voelt het nergens overdreven druk. Alles blijft redelijk overzichtelijk en dat vind ik juist een pluspunt.
Begin van het album
Het album opent met 600 Years en dat is meteen een van de hoogtepunten. De riff is simpel, maar blijft direct hangen. Soms is simpel gewoon het beste, en dat werkt hier heel goed. De zang heeft iets weg van Ozzy Osbourne, vooral in klank en manier van zingen. Dat geeft het nummer een klassieke feel. Voor mij is dit meteen een sterke start en een van de beste tracks (4/5).
Daarna volgt Borderline Steal Circus. Ook hier hoor ik weer een fijne riff, maar de overgangen in het nummer voelen soms wat minder soepel. Het lijkt alsof de band iets te veel wil wisselen. Toch blijft het een goed nummer door de basis (3,5/5).
Middenstuk
Met Caravan laat de band meer variatie horen. Het nummer heeft stevige stukken, maar ook rustige momenten. Die afwisseling maakt het interessant. Ik krijg het gevoel dat de band hier iets meer durft te experimenteren zonder hun stijl te verliezen (3,5/5).
Kings and Crowds is daarna wat ingetogener. Vooral de bas valt op, die draagt het nummer echt. Het geheel klinkt relaxed en prettig. Geen uitschieter, maar wel gewoon goed (3,5/5).
Half’n Inch past goed in het midden van het album. Wat ik hier vooral hoor is variatie. Dat lijkt echt een kenmerk van Capacopter te zijn: ze houden hun nummers levendig zonder dat het rommelig wordt. Dat werkt hier prima (3,5/5).
Sterke tweede helft
Met JP’s Horse wordt het album weer wat donkerder. Het nummer klinkt dreigend en heeft duidelijke invloeden van Black Sabbath. Vooral de sfeer en de zware riffs doen daaraan denken. Dit is samen met de opener een van de sterkste momenten (4/5).
Temple Son is daarna weer iets toegankelijker. Het nummer pakt snel en blijft hangen. De gitaarsolo aan het einde geeft het net dat beetje extra, zonder overdreven te worden (3,5/5).
Het album sluit af met Wandering Stones. Dit voelt als een rustige afsluiter. Misschien iets te sober, want het blijft niet heel lang hangen. Toch past het wel bij de sfeer van het album als geheel (3,5/5).
Conclusie
Als ik het album als geheel bekijk, hoor ik een band die een duidelijke richting heeft. Capacopter maakt geen ingewikkelde muziek, maar focust op sterke riffs, goede sfeer en kleine variaties. Dat werkt bijna overal goed.
De invloeden uit de klassieke stoner en doom rock zijn duidelijk, maar de band geeft er een eigen draai aan. Vooral de balans tussen simpel en afwisselend vind ik sterk.
Voor mij is Capacopter een solide en prettig album dat vooral groeit als je het vaker luistert. Geen grote verrassingen, maar wel gewoon goede, eerlijke rockmuziek met een paar echte hoogtepunten.
WAARDERING: 7,3
Reactie plaatsen
Reacties