Swans
een eigenzinnige reis door het geluid
Als er een prijs zou bestaan voor de meest eigenzinnige band van Amerika, dan zou Swans waarschijnlijk een flinke kans maken om die te winnen. Het is een groep die al sinds het begin van de jaren tachtig haar eigen weg volgt, zonder zich veel aan te trekken van trends, hitlijsten of verwachtingen van anderen. Dat klinkt misschien koppig, maar juist daardoor heeft Swans een bijna legendarische status gekregen.
Het verhaal begint in New York. Daar richtte zanger en gitarist Michael Gira in 1982 de band op. New York was toen een broedplaats voor allerlei vreemde en spannende muziek. Punk had de deuren opengezet voor experimenten en veel muzikanten zochten de grenzen op. Swans besloot die grenzen niet alleen op te zoeken, maar ze ook een flink stuk te verleggen.
De eerste platen van de groep waren bepaald geen gezellige achtergrondmuziek. De nummers waren hard, traag en soms bijna intimiderend. Drums klonken als fabriekshamers en gitaren leken meer lawaai dan melodie voort te brengen. Sommige luisteraars haakten direct af. Anderen waren juist gefascineerd. Het voelde alsof Swans niet zomaar muziek maakte, maar complete geluidslandschappen bouwde waarin je als luisteraar werd opgesloten.
Een aardige anekdote uit die beginperiode is dat concertbezoekers soms letterlijk de zaal verlieten omdat het volume zo hoog was. Niet omdat de muziek slecht was, maar omdat het simpelweg te overweldigend werd. Swans stond erom bekend dat een optreden bijna een fysieke ervaring was. Je hoorde de muziek niet alleen; je voelde haar in je borstkas.
Toch zou het te makkelijk zijn om Swans af te doen als een lawaaiband. In de loop van de jaren veranderde de groep voortdurend van gedaante. Vanaf het midden van de jaren tachtig kreeg de muziek meer melodie. Dat kwam mede door de komst van zangeres en toetseniste Jarboe. Haar stem vormde een bijzonder contrast met de donkere, diepe zang van Gira. Ineens verschenen er momenten van schoonheid tussen alle donderwolken.
Dat is misschien wel het meest interessante aan Swans. De band lijkt voortdurend te spelen met tegenstellingen. Hard tegenover zacht. Chaos tegenover rust. Licht tegenover donker. Een nummer kan beginnen als een fluistering en eindigen als een storm. Of juist andersom.
In de jaren negentig werd de muziek steeds avontuurlijker. Folk, ambient, post-rock en zelfs spirituele invloeden vonden hun weg naar de albums. Voor sommige fans waren deze veranderingen lastig te volgen. Voor anderen maakte juist dat de band zo boeiend. Je wist nooit precies wat de volgende plaat zou brengen.
In 1997 leek het avontuur voorbij. Michael Gira besloot de stekker uit Swans te trekken. Na vijftien jaar vond hij dat het verhaal verteld was. Veel bands zouden op dat punt tevreden achteroverleunen en leven van oude successen. Maar Swans is nooit een gewone band geweest.
Ruim tien jaar later gebeurde iets wat weinig mensen hadden verwacht. In 2010 keerde de groep terug. Niet als een nostalgische reünie, maar als een volledig herboren band. De nieuwe albums waren ambitieuzer dan ooit. Sommige nummers duurden twintig of zelfs dertig minuten. Ze bouwden langzaam spanning op, alsof je naar een trein keek die steeds sneller gaat rijden zonder ooit te stoppen.
Opvallend is dat Swans in deze periode een jong publiek wist aan te trekken. Mensen die bij de eerste incarnatie van de band nog niet eens geboren waren, ontdekten ineens de muziek. Via internet, muziekforums en streamingdiensten groeide de reputatie van Swans verder. De groep werd een soort geheime tip voor avontuurlijke muziekliefhebbers.
Wat mij altijd treft aan het verhaal van Swans is de enorme vasthoudendheid. Michael Gira heeft nooit geprobeerd om populair te worden. Hij lijkt vooral geïnteresseerd in het maken van muziek die eerlijk voelt, hoe vreemd of uitdagend die ook mag zijn. Dat is een houding die bewondering oproept, zelfs als je niet van elk album houdt.
Swans is daardoor meer geworden dan een band. Het is bijna een filosofie. De gedachte dat kunst niet altijd makkelijk hoeft te zijn. Dat muziek soms mag schuren, uitdagen en verwarren. In een wereld waarin veel dingen snel en hapklaar worden aangeboden, kiest Swans juist voor het tegenovergestelde.
Misschien is dat de reden waarom de groep na meer dan veertig jaar nog steeds relevant is. Niet omdat ze hits hebben geschreven die iedereen kent, maar omdat ze altijd trouw zijn gebleven aan hun eigen visie. En hoewel hun muziek niet voor iedereen is weggelegd, valt moeilijk te ontkennen dat Swans een van de meest bijzondere en invloedrijke Amerikaanse bands van de afgelopen decennia is geweest.
Wie zich aan hun muziek waagt, begint niet zomaar aan een luisterbeurt. Het voelt eerder als een reis. Soms zwaar, soms prachtig, soms verwarrend, maar zelden saai. En dat is uiteindelijk misschien wel het mooiste compliment dat je een band kunt geven.